Oncologische aandoeningen
Een diagnose binnen de oncologie betekent dat er bij je kanker is vastgesteld. Dit houdt in dat bepaalde cellen in je lichaam ongecontroleerd gaan groeien en soms een tumor vormen. Met onderzoeken, zoals scans of een biopsie, wordt gekeken om welk type kanker het gaat en welke behandeling het beste bij je past.
Normaal groeien en delen cellen zich op een gecontroleerde manier. Bij kanker gaat dit anders. Sommige cellen verliezen de controle en gaan zich te snel delen. Deze cellen kunnen zich ophopen en een tumor vormen. Soms verspreiden ze zich naar andere delen van het lichaam. Dit noemen we uitzaaiingen.
Om de diagnose te stellen, doet het behandelteam verschillende onderzoeken. Dit kunnen bloedonderzoeken zijn en beeldvormende onderzoeken, zoals een CT-scan of MRI. Vaak wordt ook een biopsie gedaan, waarbij een klein stukje weefsel wordt onderzocht. Zo wordt duidelijk om welk type kanker het gaat, waar de tumor zit, hoe groot deze is en of de ziekte zich heeft verspreid.
Op basis van deze informatie wordt samen met jou een persoonlijk behandelplan gemaakt. Dit plan kan bestaan uit één of meerdere behandelingen, zoals een operatie, chemotherapie, bestraling, immuuntherapie of hormoontherapie. Welke behandeling je krijgt, hangt af van het type kanker, de plek in het lichaam en je algemene gezondheid.
Het krijgen van de diagnose kanker kan veel emoties en vragen oproepen. Het behandelteam begeleidt je hierbij en beantwoordt je vragen. Je kunt rekenen op medische én praktische ondersteuning. Tijdens de behandeling kan ook revalidatie, zoals ergotherapie, helpen om zo zelfstandig mogelijk te blijven en je kwaliteit van leven te behouden of te verbeteren.