Ondervoeding
Voeding speelt een belangrijke rol bij het stabiel houden van je bloedsuikerspiegel. Een diëtist denkt met je mee over een voedingspatroon dat bij jou past. Je krijgt onder andere advies over snelle en langzame koolhydraten.
Wat is ondervoeding?
Ondervoeding ontstaat als je langere tijd te weinig energie of voedingsstoffen binnenkrijgt om gezond te blijven. Dit kan gebeuren doordat je te weinig eet, maar ook doordat je lichaam extra energie en voedingsstoffen verbruikt.
Ondervoeding komt vooral voor bij mensen die ziek zijn en bij ouderen. Ongeveer 14 tot 15% van de mensen die in het ziekenhuis zijn opgenomen, heeft te maken met ondervoeding.
Gevolgen van ondervoeding
Ondervoeding kan verschillende gevolgen hebben. Je wonden genezen minder goed, je conditie kan achteruitgaan en je kunt minder goed functioneren in het dagelijks leven. Ook heb je een grotere kans op complicaties en infecties. Soms blijf je hierdoor langer in het ziekenhuis en kan je kwaliteit van leven verminderen. In ernstige gevallen is er een hoger risico op overlijden.
Je kunt klachten hebben door je ziekte, maar ondervoeding kan ook zelf klachten veroorzaken. Deze klachten kunnen elkaar versterken. Zo kun je in een vicieuze cirkel terechtkomen.
Door je voeding te verbeteren, kun je helpen deze cirkel te doorbreken.
Bron: kenniscentrumondervoeding.nl
Ondervoeding herkennen
Ondergewicht is één van de signalen die gebruikt worden om ondervoeding vast te stellen.
Ook als je zonder dat je het wilt snel gewicht verliest, kan er sprake zijn van ondervoeding.
Met snel gewichtsverlies bedoelen we:
meer dan 3 kilo in de afgelopen maand, of
meer dan 6 kilo in de afgelopen 6 maanden.
SNAQ-screening tijdens opname
Om ondervoeding goed te herkennen en te behandelen, krijg je bij opname in het ziekenhuis de SNAQ-vragenlijst. SNAQ is een methode om te screenen op ondervoeding.
De vragenlijst bestaat uit drie vragen. Aan elke vraag zijn punten gekoppeld. Na het invullen worden de punten bij elkaar opgeteld.
Op basis van de uitslag wordt gekeken of er extra aandacht nodig is voor je voeding. Als je SNAQ-score 3 of hoger is, nemen we extra maatregelen om ondervoeding aan te pakken.
Je start met een energie- en eiwitrijk dieet.
Je krijgt drie keer per dag een extra tussendoortje.
Een diëtist wordt gevraagd om met je mee te kijken.
Bij ziekte is eiwitrijke voeding extra belangrijk. Eiwitten zitten vooral in dierlijke producten, zoals: melk en melkproducten, kaas, vlees, vis, kip en ei.
Daarnaast zijn er verschillende eiwitverrijkte voedingsmiddelen beschikbaar.
Bron: kenniscentrumondervoeding.nl