Schildkliernodus en struma

Wat is een schildkliernodus of struma?

De schildklier is een kleine, vlindervormige klier. De schildklier ligt laag in je hals, onder het strottenhoofd en voor de luchtpijp. Een normale schildklier weegt ongeveer 20 gram en kun je aan de buitenkant niet zien of voelen. De schildklier bestaat uit een linker- en rechterhelft die met elkaar verbonden zijn. Als je slikt, beweegt de schildklier met het strottenhoofd mee.

De schildklier maakt de schildklierhormonen T4 en T3. Deze hormonen zijn belangrijk voor je stofwisseling, groei en ontwikkeling. Voor het maken van schildklierhormonen heeft je schildklier jodium nodig.

Een schildkliernodus is een knobbel in de schildklier. De knobbel kan zichtbaar of voelbaar zijn. Soms wordt een schildkliernodus bij toeval ontdekt tijdens een onderzoek dat om een andere reden wordt gedaan.

Bij een struma is de hele schildklier vergroot. De schildklier kan gelijkmatig vergroot zijn. Dit noemen we een diffuus struma. De schildklier kan ook uit meerdere kleine knobbels bestaan. Dit noemen we een multinodulair struma.

Een struma zegt niets over de werking van je schildklier. Je schildklier kan normaal, te langzaam of te snel werken. Bij een toxisch multinodulair struma werkt je schildklier te snel en zijn er één of meer noduli die te veel schildklierhormoon maken.

Oorzaken

Een struma komt vaak in families voor. Meestal is er geen duidelijke oorzaak aan te wijzen. Ook een tekort aan jodium kan een struma veroorzaken, maar dit komt in Nederland weinig voor.

Een knobbel in de schildklier kan verschillende oorzaken hebben. Een cyste is een holte gevuld met vocht. Een nodus kan ook een sponsachtige samenstelling hebben of volledig uit weefsel bestaan.

Schildkliernoduli komen veel voor. Meestal zijn ze goedaardig. Een schildkliercyste en een toxische nodus zijn bijna nooit kwaadaardig.

Klachten

Je kunt een zwelling in je hals zien of het gevoel hebben dat er iets in je hals zit.

Drukt een nodus tegen je slokdarm? Dan kun je moeite hebben met slikken. Als een nodus of struma tegen je luchtpijp drukt, kun je kortademig worden of een piepend geluid horen bij het inademen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als je plat ligt of je inspant.

Soms kun je hees worden doordat de zenuw die je stembanden aanstuurt in de verdrukking komt.

Meestal verandert de werking van je schildklier niet door een nodus. Maakt een nodus of struma wel te veel schildklierhormoon? Dan kun je ook klachten krijgen die passen bij een te snel werkende schildklier.

Onderzoek en diagnose

Je arts onderzoekt je hals om de grootte en vorm van je schildklier te beoordelen. Soms is aanvullend onderzoek nodig, zoals een echo of CT-scan.

Met een echo brengen we je schildklier, lymfeklieren en omliggende weefsels in beeld. Een echo werkt met geluidsgolven.

Tijdens het onderzoek krijg je gel op je hals. De arts of radioloog beweegt een echokop over je hals. Met de echo kan de arts beoordelen hoe groot de schildkliernodus is, waaruit de nodus bestaat en of er vergrote lymfeklieren in je hals zijn.

Soms is het nodig om cellen uit de nodus te halen. Dit gebeurt met een punctie.

Met een punctie kunnen we onderzoeken of een schildkliernodus goedaardig of kwaadaardig is. Met een dunne, holle naald worden cellen uit de schildklierknobbel gehaald. Een punctie is meestal niet erg pijnlijk. Daarom krijg je meestal geen verdoving.

De patholoog bekijkt de cellen onder de microscoop en schat de kans in dat de nodus kwaadaardig is.

Soms geeft de punctie niet genoeg duidelijkheid. Er zijn bijvoorbeeld te weinig cellen afgenomen om de nodus goed te kunnen beoordelen. Ook kan er na de punctie nog twijfel zijn of de nodus kwaadaardig is. Het kan dan nodig zijn om de punctie later te herhalen.

Is de kans op kwaadaardigheid te groot? Dan kan een schildklieroperatie nodig zijn. Het verwijderde weefsel wordt daarna onderzocht door de patholoog.