Botbreuken
Een botbreuk kan variëren van een klein scheurtje tot een volledige breuk van het bot. Bij een botbreuk heb je altijd pijn. Vaak ontstaat er ook een zwelling door een bloeduitstorting en kun je het aangedane lichaamsdeel minder goed of helemaal niet bewegen.
Gipsbehandeling
Bij een gipsbehandeling worden de botstukken op hun plaats gehouden met gips. Dit is een goede behandeling als de botstukken niet of nauwelijks zijn verschoven. Ook bij kinderen wordt vaak gekozen voor gips.
Mogelijke nadelen van gips
Bij gips worden ook omliggende gewrichten vastgezet. Dit kan leiden tot:
verslapping van spieren
verstijving van gewrichten
ontkalking van botten
een verhoogde kans op trombose of huidirritatie
Operatieve behandeling
Sommige botbreuken worden behandeld met een operatie. Daarbij zijn verschillende technieken mogelijk, zoals:
het vastzetten van het bot met een plaat en schroeven
het plaatsen van schroeven in het bot
het inbrengen van pennen in de mergholte van het bot
het plaatsen van pennen via de huid, die buiten het lichaam met elkaar worden verbonden (externe fixatie)
het vervangen van het beschadigde botdeel door een prothese
Mogelijke nadelen van een operatie
Een operatie betekent extra belasting van de weefsels rond het bot. Ook bestaat er kans op complicaties, zoals:
wondinfectie
bloeding
trombose of embolie
longontsteking
blaasontsteking
Functionele behandeling
Niet alle botbreuken hebben gips of een operatie nodig. Sommige breuken genezen vanzelf. Dit geldt bijvoorbeeld voor gebroken ribben of vingertoppen.
Bij een sleutelbeenbreuk en bij bepaalde wervel- of bekkenbreuken krijg je vaak tijdelijk rust. Je start dan vroeg met oefenen, waarbij je beweegt binnen de grenzen van de pijn. Dit noemen we een functionele behandeling.