Radiotherapie (bestraling)
Wanneer wordt radiotherapie ingezet?
Radiotherapie wordt vaak gegeven na een operatie. Het doel van deze behandeling is om de kans zo klein mogelijk te maken dat borstkanker op dezelfde plek terugkomt.
De bestraling vindt plaats op de afdeling radiotherapie van Medisch Spectrum Twente in Enschede of bij Radiotherapiegroep in Deventer (RISO). Je kiest zelf bij welk radiotherapeutisch centrum je de behandeling krijgt.
Bestraling na een borstsparende behandeling
Na een borstsparende operatie komt vrijwel iedere vrouw in aanmerking voor bestraling van de borst. Deze bestraling verkleint de kans dat de kanker in de behandelde borst terugkomt.
Bij sommige vrouwen kan worden overwogen om geen bestraling te geven. Dit geldt bijvoorbeeld voor vrouwen boven de 80 jaar zonder uitzaaiingen in de lymfeklieren en met een kleine, weinig agressieve vorm van borstkanker. De arts bespreekt of dit in jouw situatie mogelijk is.
Bestraling van lymfeklieren
Als er uitzaaiingen zijn gevonden in de schildwachtklier (meestal een lymfeklier in de oksel), is vaak een aanvullende behandeling van de oksel nodig.
Er kan dan gekozen worden voor:
een operatie waarbij de okselklieren worden verwijderd
bestraling van de oksel, soms gecombineerd met bestraling van de lymfeklieren rond het sleutelbeen
Veel mensen kiezen tegenwoordig voor bestraling van de oksel. Daarbij is de kans op lymfoedeem en beperking van de armfunctie meestal kleiner dan bij een okselklieroperatie.
Bestraling na een borstverwijdering
In sommige situaties is bestraling nodig nadat de hele borst is verwijderd. Dit heeft te maken met bepaalde agressieve kenmerken van de borstkanker.
Soms is al vóór de operatie duidelijk dat bestraling nodig is. In andere gevallen blijkt dit pas na de operatie, op basis van de uitslag van het weefselonderzoek.
Samen kiezen voor de behandeling die bij je past
De behandeling wordt afgestemd op jouw situatie. Samen met je behandelend specialist bespreek je welke behandeling het beste bij je past. Vaak gaat het om een combinatie van behandelingen. De keuze en volgorde hangen onder andere af van de kenmerken van de tumor, het stadium van de ziekte, je leeftijd en of je voor of na de overgang bent.
Om je te helpen bij het maken van keuzes, zijn er online keuzehulpen beschikbaar. Deze geven duidelijke informatie over verschillende behandelopties en kunnen helpen bij het gesprek met je arts. Een overzicht van keuzehulpen en andere online ondersteuning is te vinden via Borstkankervereniging Nederland.
Na het gesprek met de medisch specialist neemt de mammacareverpleegkundige de informatie met je door. Zij beantwoordt je vragen en helpt je om alles op een rij te zetten. Dit vormt de basis voor samen beslissen.
De behandelingen worden uitgevoerd door een gespecialiseerd team dat nauw samenwerkt. Veel behandelingen zijn operatief en worden, als dat nodig is, gevolgd door bestraling of andere aanvullende behandelingen. Tijdens een operatie werken mammachirurgen vaak samen met plastisch chirurgen om te zorgen voor een zo goed mogelijk resultaat.
Volgens de landelijke richtlijn vindt een operatie plaats binnen vijf weken na de diagnose. ZGT streeft ernaar om dit binnen drie weken te doen. Ook bij aanvullende behandelingen proberen we de doorlooptijd zo kort mogelijk te houden, met een start binnen vijf weken.