Moeder Baby Unit in strijd tegen depressie

Zwanger zijn en een kind krijgen. Het is één grote roze wolk als je de verhalen en reclames mag geloven. De werkelijkheid is soms anders. Relatief veel vrouwen krijgen te maken met psychiatrische problemen tijdens de zwangerschap of na de bevalling. Gelukkig kunnen zij voor hulp terecht bij de polikliniek Psychiatrie, Obstetrie en Pediatrie (POP-poli) van ZGT.

Uit onderzoek blijkt dat wanneer vrouwen met dergelijke problemen tijdens de zwangerschap preventief doorverwezen worden naar specialistische hulp, veel problemen later voorkomen worden. “Wij overleggen daarom veel met alle professionals die betrokken zijn bij een zwangerschap. En huisartsen bellen ons regelmatig voor
advies”, vertelt psychiater Floor Holterman. “Wanneer tijdens een zwangerschap blijkt dat er risico’s zijn voor moeder of kind, dan stemmen we met elkaar af wat we het beste kunnen doen. We doen er alles aan om een depressie te voorkomen.”


Vijf tot acht vrouwen per week

Helaas lukt het niet altijd om psychische klachten te voorkomen of worden vrouwen soms pas verwezen na het ontstaan ervan. “We zien hier gemiddeld vijf tot acht vrouwen per week voor een intakegesprek ter preventie of behandeling van psychische klachten. We hebben dan verschillende behandelmogelijkheden. Er is bijvoorbeeld ambulante en poliklinische begeleiding door een sociaal psychiatrisch verpleegkundige (SPV’er). Deze kan ondersteunen door in gesprek te gaan met de patiënt, door het aanbieden van praktische ondersteuning of het voeren van partnergesprekken. Maar ook kan een bevalplan of plan voor de kraamtijd opgesteld worden ter preventie of behandeling van psychische klachten. Verder hebben we een deeltijdbehandeling in de vorm van een zwangerengroep of postpartumgroep, waarbij gebruik gemaakt wordt van bijvoorbeeld lotgenotencontact.

Maar hier worden ook praktische tips en adviezen geboden, komen verschillende thema’s rondom zwangerschap, bevalling en kraambed aan de orde en leren patiënten vaardigheden aan om met angsten en stemmingsklachten om te gaan. Er is ook veel aandacht voor de hechting tussen moeder en (toekomstig) kind.”

Postpartumgroep

Bij de zwangerschapsgroep ligt de focus vooral op het welzijn van de moeder en de zwangerschap. Bij de postpartumgroep is er vooral aandacht voor het herstel en welzijn van moeder en kind gezamenlijk. Ook het ontwikkelen van zelfvertrouwen bij de moeder en de hechting tussen moeder en kind zijn belangrijke thema’s. “Want naast voeding heeft een baby ook contact, liefde en aandacht nodig om te groeien. Voor een moeder met psychische klachten is het in deze belangrijke fase soms moeilijk om dit te bieden. Zij krijgt daarbij ondersteuning. Ook de partner is in dit traject erg belangrijk. Tot slot bieden we vrouwen met psychische klachten soms ook ondersteuning door medicijnen. Waarbij we samen met hen bekijken of medicatie passend is en veilig gebruikt kan worden tijdens een zwangerschap of eventuele borstvoeding.”

Voor vrouwen met een (dreigende) depressie, een kraambedpsychose of een andere vorm van psychiatrische ontregeling in de eerste maanden na de bevalling bestaat de mogelijkheid tot opname op de Moeder Baby Unit (MBU). Moeder wordt hier samen met haar baby opgenomen. Dit kan cruciaal zijn voor de hechting tussen moeder en kind. In Nederland zijn er maar een beperkt aantal MBU’s, waardoor ZGT ook patiënten van buiten de regio opneemt. Holterman: “Moeders kunnen hier werken aan hun eigen herstel, waarbij er bovendien veel aandacht is voor de interactie tussen moeder en kind.”

Ze is enthousiast over de aanpak van ZGT. “We vormen een mooie lijn met elkaar, waardoor vrouwen in de vruchtbare leeftijd de beste zorg krijgen. Zijn zij bij ons niet op de juiste plek, dan verwijzen wij ze door. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer er sprake is van langdurige psychiatrische problematiek, zoals persoonlijkheidsproblematiek, of bij een verstandelijke beperking, waarbij patiënten soms beter af zijn bij een andere hulpverlenende instelling.”

Tijdens de opname is de psychiater hoofdbehandelaar en wordt in een multidisciplinair team bekeken welke zorg nodig is. “Hierbij werken we ook nauw samen met diverse andere disciplines in het ziekenhuis, zoals de kinderarts, kinderfysiotherapeut, pedagogisch medewerker en/of de gynaecoloog. Deze samenwerking verloopt heel goed, daar ben ik echt trots op. Bovendien zijn wij heel goed benaderbaar en gastvrij, hebben we veel expertise in huis en is er veel ambitie om verder te ontwikkelen. Heel fijn!”