Traumachirurgie is een breed georiënteerd specialisme van chirurgie. Een traumachirurg behandelt botbreuken en ongevalslachtoffers. De chirurg heeft een coördinerende rol in de zorg voor een ongevalslachtoffer. Van ongeval tot revalidatie. Er is veel samenwerking met andere disciplines in de gezondheidszorg. Denk aan orthopeden en spoedeisende hulp artsen.

Traumacentra

Om kwaliteit van zorg te garanderen, zijn er in Nederland elf traumacentra. In Twente is MST in Enschede het traumacentrum. Hier worde complexe ongevalslachtoffers opgevangen. Stabiele patiënten en patiënten met eenvoudige letsels worden opgevangen in niet-traumacentra.

Na een ongeval

Ongevalslachtoffers worden op straat gestabiliseerd door ambulancebemanning. Bij zeer ernstig letsel wordt de traumahelikopter opgeroepen. Deze helikopter beschikt over materiaal en deskundigheid. Een anesthesist of traumachirurg en verpleegkundige komen ter plekken. Bij 90% van de ongevallen waar de traumahelikopter aanwezig is, wordt het slachtoffer toch met de ambulance vervoerd.

In het ziekenhuis

Op de spoedeisende hulp coördineert de traumachirurg de opvang van de patiënt. Aan de hand van belangrijke parameters wordt een voorlopig behandelplan opgesteld. Damage controle is de basis: de hoogste noodzaak is het leven van de patiënt redden. Het bepalen van de volgorde van levensreddende handelingen op de spoedeisende hulp of op de operatiekamer is niet eenvoudig. Een traumachirurg kan bijvoorbeeld voor de keuze staan om een been verloren te laten gaan, voor het leven van de patiënt

Controle

Ook de polikliniek is een belangrijk werkterrein voor de traumachirurg. Veel patiënten met een botbreukomen voor een controle naar de traumapolikliniek of de gipskamer. De chirurg monitort voortgang van het botgenezing en revalidatieproces.