Logo ZGT Logo, terug naar Home
Scancontrole

Slaapproblemen bij kinderen - voorbeelden

Bij kinderen kunnen zich verschillende slaapproblemen voordoen. Hieronder leest u verschillende slaapproblemen en wat u er (zelf) aan kunt doen.

Slapeloosheid

Veel slaapproblemen hebben een oorzaak in het gedrag van het kind. U kunt denken aan spannende situaties, verdriet of een onduidelijke dagindeling. Kinderen hebben dan vaak hun ouders nodig om in slaap te kunnen vallen. Met name bij peuters zien we dit vaak.

Aanpak

Met behulp van onze pedagogisch medewerker wordt er een slaapplan opgesteld. Verder onderzoek is dan meestal niet nodig. Lees meer over problemen met inslapen in de folder (PDF).  

Overmatige slaperigheid overdag (narcolepsie)

Narcolepsie is een chronische neurologische aandoening. Kenmerken zijn overdreven slaperigheid en onbedwingbare slaapaanvallen overdag. Ze kunnen samen gaan met korte spierverslappingen die uitgelokt worden door emoties, (kataplexie), slaapverlamming of extreem levendige droombeelden. Het komt voor bij 1 op de 6.000 kinderen, meestal vanaf de leeftijd van 10 jaar.

Aanpak

Onderzoeksmogelijkheden bij kinderen die misschien narcolepsie hebben zijn polysomnografie en een Multiple Sleep Latency Test (MSLT) Lees meer over een polysomnografie in de folder (PDF). Indien nodig doen wij verder onderzoek, bijvoorbeeld bloedonderzoek of een ruggenprik. Lees meer over onderzoek binnen het kinderslaapcentrum.  

Slaapgerelateerde bewegingsstoornissen: rusteloze benen

Kinderen met rusteloze benen hebben vaak een inslaapprobleem. Ze hebben een onaangenaam gevoel in de benen dat alleen verdwijnt als ze de benen bewegen. Het gevoel ontstaat meestal in zittende of liggende positie en is voor kinderen moeilijk te beschrijven. Ook groeipijnen kunnen wijzen op rusteloze benen. Vaak komen rusteloze benen in de familie voor. IJzertekort kan een rol spelen.

Rusteloze benen komen vaak voor samen met Periodic Limb Movement Disorder. Hierbij bewegen de kinderen ’s nachts met hun benen waardoor ze gestoord worden in hun slaap. Een polysomnografie kan dit aantonen. Lees meer over een polysomnografie in de folder (PDF).

Slaapgerelateerde bewegingsstoornissen: hoofdbonken

Hoofdbonken is een herhaalde, ritmische beweging van het hoofd of lichaam bij het inslapen. Hoofdbonken komt vaker voorkomt bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand. Het hoofdbonken zelf heeft geen negatieve invloed op de ontwikkeling.

Aanpak

Het is belangrijk het kind te beschermen tegen verwondingen. Meestal verdwijnt het hoofdbonken voor de leeftijd van vier jaar.

Slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen: snurken

Snurken is een teken van een verhoogde weerstand van de bovenste luchtweg.

Slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen: ademstops

Soms is de weerstand in de bovenste luchtweg zo hoog dat kinderen stoppen met de ademhaling. Er gaat dan geen lucht meer door de keel of luchtpijp. Er kan geen zuurstof meer naar de longen. Dit kan meerdere keren per nacht voorkomen. Tijdens zo’n ademstop krijgen de hersenen een seintje om weer te gaan ademen. Het kind zal oppervlakkig slapen of zelfs wakker worden. Dit zorgt voor een verstoorde nachtrust en vermoeidheid overdag. We spreken dan van Obstructief Slaap Apneu Syndroom (OSAS). OSAS komt veel voor bij kinderen met overgewicht en kinderen met te grote keelamandelen. OSAS komt ook vaker voor bij kinderen met syndromen (bijv. syndroom van Down), aangeboren anatomische afwijkingen of kinderen met spierzwakte.

Behandeling

Afhankelijk van het probleem verrichten we bij het kinderslaapcentrum een polysomnografie of polygrafie. Ook een verwijzing naar KNO-arts of poli voor kinderen met obesitas en overgewicht is een mogelijkheid. Lees meer over een polysomnografie in de folder (PDF)

Biologische klok en problemen

De biologische klok bepaalt ons bioritme. Ieder mens heeft zijn eigen ritme. Zo zijn er avondmensen en ochtendmensen. Indien een kind een extreem avondmens of ochtend mens is en het ritme meer dan drie uur afwijkt van het normale ritme voor de leeftijd spreken we van een biologische klokstoornis. Dit ritme kan vervroegd zijn (Advanced Sleep Phase Syndrome) of verlaat (Delayed Sleep Phase Syndroom). DSPS komt het vaakst voor bij pubers. Kinderen met DSPS hebben problemen met het inslapen, maar slapen erna goed door. ’s Ochtends hebben ze moeite met het wakker worden. Overdag zijn ze slaperig. Gebruik van beeldschermen en cafeïne spelen vaak een grote rol. Melatonine is verantwoordelijk voor de biologische klok. Melatonine wordt geproduceerd door de pijnappelklier in de hersenen. Licht remt de aanmaak van melatonine. Een melatoninebepaling in het speeksel kan aantonen of uw kind last heeft van een biologische klokstoornis. Lees meer over een melatoninebepaling.  

Ongewenst gedrag tijdens de slaap (paniekaanvallen, slaapwandelen)

Nachtelijke paniekaanvallen worden ook wel sleep terrors of pavor nocturnus genoemd. Ze komen vooral bij kinderen voor tussen de 3 en 12 jaar. Het kind komt zeer angstig uit een diepe slaap, is verward en u kunt er geen contact mee krijgen.

Slaapwandelen komt meestal vroeg in de nacht voor. Kinderen lopen tijdens hun slaap door het huis met hun ogen open. De piekleeftijd is tussen de 4 en 8 jaar en stopt meestal vanzelf na het tiende levensjaar.

Aanpak

Paniekaanvallen zijn niet schadelijk. De volgende dag kan het kind zich hier niks meer van herinneren (in tegenstelling tot bij een nachtmerrie). Bij slaapwandelende kinderen is het van belang dat de omgeving zo veilig mogelijk is.

Ziekenhuislocatie Hengelo Centrum voor slaapgeneeskunde

  • Spreekuren

    Consult op afspraak

  • Polikliniek 0.9

Geerdinksweg 141, 7555 DL Hengelo

Bekijk op de kaart Plan uw route

Postbus 546, 7550 AM Hengelo

Ziekenhuislocatie Hengelo Neurologie

Geerdinksweg 141, 7555 DL Hengelo

Bekijk op de kaart Plan uw route

Postbus 546, 7550 AM Hengelo