Gastric bypass
Operatietechniek
Bij een gastric bypass (ook wel roux-en-y-gastric bypass genoemd) wordt de maag verkleind tot ongeveer de omvang van een kiwi. De rest van de maag blijft aanwezig. De darm na de restmaag wordt na ongeveer 150cm doorgenomen. Het onderste deel wordt aangesloten op de nieuwgevormde maag (1). De darm waar de verteringssappen door gaan wordt met een tweede verbinding opnieuw aangesloten (2). De verteringssappen (o.a. gal en alvleeskliersap) komen via de omleiding later in de dunne darm bij de voeding. De operatie duurt ongeveer 45-60 minuten.
Effecten
Bij een kleine maag ontstaat er na een klein beetje eten al een vol gevoel. Door een omleiding van de darm te maken worden de voedingsstoffen ook minder opgenomen. Daarnaast treden er sterke veranderingen in de spijsverteringshormonen op. Dit samen heeft een positieve invloed op het verminderen van het hongergevoel en het gewichtsverlies. Je verliest gemiddeld ongeveer 70%-80% van het overgewicht (30% totaal gewichtsverlies).
Mogelijke problemen na een gastric bypass
Na een gastric bypass komt de voeding snel in de darm. Hierdoor kunnen dumpingklachten ontstaan. Deze klachten kunnen vlak na het eten ontstaan (slaperig, duizelig, hartkloppingen, zweten), maar ook langere tijd na het eten (lage bloedsuiker, diarree). Klachten hangen vaak samen met eetgedrag en keuzes. Ook kan een darmverstrengeling (inwendige herniatie) optreden (5-10%).
Bij de operatie ontstaan er 2 openingen achter de darmen die er eerder niet waren. In deze openingen kan een stukje van de darm bekneld komen te zitten. Je hebt dan pijn in je buik. Soms heb je de hele dag pijn, soms is de pijn een paar dagen of weken weg. Heb je een beknelling, dan moeten we je opereren. We sluiten daarbij de openingen met hechtingen.
Ten opzichte van de sleeve bestaat er een hoger risico op vitaminetekorten. En ten opzichte van een mini-gastric bypass zien we minder zuurbranden. Verteringssappen stromen niet gemakkelijk richting de nieuwgevormde maag.