Logo ZGT Logo, terug naar Home
Scancontrole

Klinische neurofysiologie (KNF)

Klinische neurofysiologie is het medisch specialisme dat zich bezighoudt met het registreren van de functies van de hersenen, zenuwbanen en spieren. Het zijn diagnostische onderzoeken die gebruikt worden om de oorzaak van de klachten te achterhalen. Op de afdeling neurofysiologie worden de volgende onderzoeken verricht:

Elektro-encephalogram (EEG)

Bij een elektro-encefalografie wordt met behulp van elektroden de hersenactiviteit gemeten. U krijgt voor het onderzoek een soort badmuts op uw hoofd, met daarin 20 elektroden. Tijdens de registratie ligt u zo ontspannen mogelijk met gesloten ogen op een onderzoeksbank. Er volgen enkele testen, waaronder het openen en sluiten van de ogen. Indien gewenst wordt u verzocht gedurende drie minuten diep te zuchten. Ook wordt er een lamp op enige afstand van uw ogen geplaatst en krijgt u reeksen flitsen in verschillende frequenties.

EEG na slaapdeprivatie (slaaponthouding)

Bij een EEG na slaaponthouding wordt met behulp van elektroden de hersenactiviteit gemeten nadat uw hersenen extra vermoeid zijn d.m.v. slaaponthouding. U krijgt voor het onderzoek een soort badmuts op uw hoofd, met daarin 20 elektroden. Tijdens de registratie ligt u zo ontspannen mogelijk met gesloten ogen op een onderzoeksbank of bed. KNF-laborant zal gedurende een langere tijd (een tot twee uur) de hersenactiviteit registreren.

Elektro-myografie (EMG)

EMG is onderzoek waarbij de werking van de zenuwen en spieren wordt gemeten en geregistreerd. Bij het zenuwgeleidingsonderzoek worden op uw armen en/of benen elektroden aangebracht. Met een klein apparaat worden vervolgens stroomschokjes toegediend. De stroomschokjes zijn ongevaarlijk, ze kunnen (iets) onaangenaam aanvoelen. In enkele gevallen zal de arts het onderzoek willen uitbreiden met een onderzoek naar de activiteit van de spieren. De neuroloog prikt met een dunne naaldelektrode in enkele spieren. U wordt dan gevraagd om de betreffende spier aan te spannen en te ontspannen.

Elektro-nystagmografie (ENG)

ENG registreert de beweging van het oog. Daarvoor plakt de KNF-laborant negen oppervlakte-elektroden rond de ogen van de patiënt. Analyse van de oogbewegingen geeft informatie over het functioneren van de hersenen en het evenwichtssysteem.

Polysomnografie (PSG)

PSG is een onderzoek naar de oorzaak van slaapproblemen. Het onderzoek bestaat uit een registratie van de hersenactiviteit, hartritme, oogbewegingen, lichaamsbewegingen, ademhaling, zuurstofverzadiging, spieractiviteit en snurkgeluiden. In sommige gevallen maakt de onderzoeker ook gebruik van videoregistratie. De patiënt slaapt tijdens dit onderzoek.

Polysomnografie bij kinderen

                            

Multiple Sleep Latency Test (MSLT)

MSLT is een onderzoek naar de slaperigheid overdag. Daarvoor wordt gekeken naar hoe lang het duurt voordat de patiënt inslaapt bij het naar bed gaan. Ook wordt er onderzocht of de patiënt een REM-periode heeft in zijn slaap. Een REM-periode is een diepe slaap, waarbij de spieren volledig ontspannen zijn.

Actigrafie

Een actigrafie meet het rust- en activiteitenpatroon van een patiënt. Dat gebeurt met een actiwatch. Dat is een minicomputer die de patiënt als een horloge om een arm of been draagt.

Brainstem Auditory Evoked Potential (BAEP)

BAEP is een diagnostisch onderzoek van de gehoorzenuw. Het onderzoek wordt gebruikt om de oorzaak van klachten te achterhalen. De patiënt krijgt via een hoofdtelefoon geluidjes te horen. De KNF-laborant kijkt hoe lang het duurt voordat een geluidje via het gehoororgaan en de gehoorzenuw naar de kernen in de hersenstam wordt gestuurd.

Visual Evoked Potential (VEP)

VEP is een diagnostisch onderzoek van de oogzenuw. Het onderzoek wordt gebruikt om de oorzaak van klachten te achterhalen. De patiënt krijgt op een beeldscherm beelden te zien. De KNF-laborant kijkt hoe lang het duurt voordat die beelden via de ogen en de oogzenuw naar het visuele centrum in de hersenen worden gestuurd.

Somatosensibele evoked potential (SSEP)

SSEP meet de gevoelsbanen van armen of benen, via het ruggenmerg tot aan de hersenschors. Het onderzoek wordt gebruikt om de oorzaak van klachten te achterhalen. Voor het onderzoek krijgt de patiënt elektrische schokjes toegediend in de armen of benen.

Dermatomaal somatosensibele evoked potential (DSEP)

DSEP wordt gebruikt om vast te stellen of een patiënt een gevoelsstoornis heeft. De KNF-laborant meet de geleiding van een prikkel (elektrische schok) in de huid in een arm of been. Die prikkel gaat via het ruggenmerg tot aan de hersenschors. Daar wordt de prikkel gesignaleerd.

Orthostatische hypotensie (OH)

Bij OH-onderzoek meet de KNF-laborant de wisselingen in de bloeddruk. Daarmee kan hij vaststellen of er sprake is van een sterke bloeddrukdaling bij snelle houdingsveranderingen. Bijvoorbeeld bij het snel opstaan uit een stoel.

Tremorregistratie

Tremorregistratie is een diagnostisch onderzoek. Dat wil zeggen dat het onderzoek wordt gebruikt om de oorzaak van de klachten te achterhalen. Het is een uitwendig onderzoek van de bewegingen van de handen en/of benen. Er worden enkele elektroden op de hand(en) en/of voet(en) geplakt, hiermee kan de laborant de bewegingen registreren.

Autonoom Functie Onderzoek (AFO)

AFO is een diagnostisch onderzoek. Dat wil zeggen dat het onderzoek wordt gebruikt om de oorzaak van de klachten te achterhalen. Er worden een aantal elektroden op de borst geplakt en er worden een aantal testjes gedaan waarbij u o.a. op een bepaalde manier moet ademhalen en een keer snel moet opstaan waarbij de bloeddruk een aantal keren ervoor en erna wordt gemeten.

Botuline behandeling

Doel van de behandeling is het opheffen van een te grote spierspanning in een of meerdere spieren. De stof botuline toxine kan de spierspanning op korte termijn verminderen/normaliseren. De duur van het effect is in het algemeen twee tot drie maanden. De behandeling vindt plaats op de afdeling klinische neurofysiologie. 

Fenolisatie behandeling/marcaïne proefbehandeling

Fenoliseren is een injectie tegen spasticiteit of tegen een trillende hand of voet (clonus). Fenol is een stof die een zenuw naar een spier gedeeltelijk buiten werking stelt zodat spieren minder hard samentrekken. Fenoliseren gebeurt pas als fysiotherapie of medicijnen niet genoeg helpen. Fenol (werkt gedurende 3 -12 maanden). Marcaïne wordt gebruikt voor proefbehandeling en werkt slechts enkele uren. Het is een stof die een zenuw naar een spier gedeeltelijk buiten werking stelt waardoor spasticiteit/clonus van de spier wordt verminderd. Een revalidatiearts voert het fenoliseren uit. Men bepaalt eerst met kleine stroomstootjes waar ze de fenol precies moet inspuiten. De behandeling vindt plaats op de afdeling klinische neurofysiologie. 

Patiëntenfolders klinische neurofysiologie (KNF)

Hieronder vindt u onze patiëntenfolders (PDF-formaat) die betrekking hebben op de klinische neurofysiologie.